Forum Gegeven Antwoorden

Pagina 16 van 17
  • Geert Paes

    Beheerder
    8 april 2022 at 23:49 In antwoord op: Behandelprotocol Giardia

    He Loes,

    Een goede en ook moeilijk vraag waarop je mogelijk een verschillend antwoord van verschillende mensen zal krijgen. Er zijn inderdaad veel puppies die wat blijven aanmodderen met een Giardia infectie. Het vermoeden is dat bij deze jonge dieren het immuunsysteem mogelijk nog niet 100% functioneert waardoor ze meer vatbaar zijn om klinische klachten van de infectie te tonen. We zien dan ook vaker dat deze dieren, wat je ook doet om de infectie onder controle te krijgen, in hun eerste levensjaar maar voortdurend positief lijken te blijven en klachten blijven hebben en dan ineens wanneer ze volwassen zijn eruit lijken te groeien. Of je wel of niet blijft behandelen en of je wel of niet blijft hertesten, hangt eerst en vooral af van hoeveel klachten het dier vertoont ten gevolge van de infectie. Als de pup er toch erge diarree van heeft en/of wat algemener ziek van is, dan is het wel belangrijk om te proberen om de infectie onder controle te krijgen. Ik vind in zo n geval wel nuttig (zolang je op de hoogte bent over de voor-en nadelen van elke test, waarover zo meteen meer), omdat ik wil weten of de persisterend diarree klachten ook effectief samen gaan met een positieve Giardia test. Maar je wil op zo n moment natuurlijk ook wel 100% zeker zijn dat er geen andere infectie speelt (zoals bv. coccidia etc), omdat er natuurlijk andere infecties kunnen zijn die diarree kunnen geven. Ook kan soms de voeding een rol spelen (daarover zo meteen ook meer ;-))

    Eerst en vooral: wat de testen betreft. Binnenkort komt de cursus – Ontlastingsonderzoek in de praktijk – en daar komt dit ook aan bod, maar hier alvast even het belangrijkste: de antigen testen (zoals de SNAP ELISA en de ProsPect) zijn GEEN goede testen om de behandeling op te volgen, omdat deze testen inderdaad gedurende enige tijd na een infectie (zelfs wanneer succesvol behandeld) positief blijven. Het is niet exact geweten hoe lang deze testen positief blijven na een succesvolle behandeling, maar dit zijn dus geen goede testen om het effect van behandeling op te volgen. Wat je in deze gevallen moet doen, is kijken of er nog cysten van Giardia in de ontlasting aanwezig zijn en dit doe je doormiddel van een flotatie of IFA (immunofluorescence assay). Hierbij heeft de IFA de voorkeur (en wordt ook beschouwd als de gouden standaard voor Giardia), omdat flotatie een lage sensitiviteit heeft (en er dus vaak vals negatieve resultaten voorkomen). Om het risico op vals negatieve resultaten te verminderen, kan het helpen om ontlasting van 3 dagen na elkaar te laten opvangen, met elkaar te vermengen en dit op te sturen naar het labo.

    In de kennis database vind je meer informatie over de verschillende Giardia testen.

    Herinfectie is bij jonge pups een groot probleem en het is dus belangrijk om naast het geven van een geneesmiddel dat werkt tgo Giardia (Fenbendazole is meestal de eerste keuze) dat je ook de omgeving mee aanpakt. Ik copy/paste hier even het antwoord uit de kennis database op de vraag hoe je chronische Giardia infecties behandelt:

    Giardia wordt het vaakst behandeld met Fenbendazole 50 mg/kg 1x/dag gedurende 3-5 dagen. Hierbij is het belangrijk om ALLE dieren binnen hetzelfde gezin te behandelen aangezien asymptomatische dragers (vooral oudere dieren) en vals negatieve testen regelmatig voorkomen. Wanneer er sprake is van terugkerende infecties moet er steeds gedacht worden aan herbesmettingen aangezien deze vaak voorkomen. Om deze reden is het heel belangrijk om ook de achterhand (vacht rondom anus, staart, achterpoten) van honden te wassen met een shampoo of product dat chlorhexidine bevat zowel aan het begin als aan het einde van de kuur, de mandjes/kussens in kookwas te wassen en de omgeving te ontsmetten met javel. Een dieet dat een hoog vezelgehalte heeft en probiotica kunnen soms ook helpen. Puppies zijn gevoeliger aan het ontwikkelen van klinische klachten tengevolge van Giardia. Vaak worden bij deze dieren de klachten beter eenmaal ze ouder zijn. Andere behandelingen voor Giardia zijn metronidazole (hond en kat: 25 mg/kg 2x/dag gedurende 5-7 dagen); febantel/pyrantel/praziquantel (Drontal) (dosis: 15.0 mg/kg febantel, 14.4 mg/kg pyrantel, 5.0 mg/kg praziquantel 1x/dag gedurende 3 opeenvolgende dagen). Metronidazole beinvloedt ook het microbioom in de darmen doordat het anaerobe bacteriën afdoodt (dit kan soms een positief effect geven, bv in geval van bacteriële overgroei, maar kan in andere dieren negatief zijn). OPGELET: geen enkele behandeling is 100% effectief. Een recente studie (Ciuca L et al, Frontiers in Vet Sci, 2021) die behandeling met fenbendazole vergeleek met behandeling met metronidazole in honden met een Giardia infectie toonde dat op dag 7 na start van de behandeling 80% van de honden die behandeld werden met fenbendazole negatief waren voor Giardia versus 70% van de honden die behandeld werden met metronidazole. Dit verschil was statistisch niet significant. Wanneer dezelfde kuur nog een tweede keer herhaald werd, was de behandeling in beide groepen (zowel fenbendazole als metronidazole) 100% succesvol. Wanneer behandeling niet succesvol is, kan dit wijzen op herbesmetting, het niet werkzaam zijn van de behandeling, de voeding etc.

    Hopelijk kan je hiermee verder, maar laat het zeker weten indien je nog vragen hebt!

    Geert

  • Geert Paes

    Beheerder
    16 maart 2022 at 00:07 In antwoord op: Monitoring van behandeling met Trilostane

    Ik hou meestal het volgende schema aan: de eerste controle doe ik 2 weken na opstart van Vetoryl. De zaken die ik op dat moment wil weten van de eigenaar zijn:

    – Hoe doet de hond het klinisch? Zijn de klachten zoals PUPD, polyfagie, hijgen, verminderd uithoudingsvermogen etc verbeterd?

    – Heeft de eigenaar het gevoel dat de behandeling een effect heeft?

    – Zijn er klachten zoals lethargie, vermindering van de eetlust, braken of diarree geweest in de laatste twee weken?

    Verder is het uiteraard ook belangrijk de hond te onderzoeken. Een volledig lichamelijk onderzoek en het meten van de bloeddruk (indien nodig) zijn dan ook aangeraden.

    Vervolgens nemen we bloed. Ik controleer altijd graag het natrium en kalium (al moeten we er wel rekening mee houden dat de elektrolyten soms in het beginstadium van iatrogeen hypoadrenocorticisme nog normaal kunnen zijn) en dan beslis ik welke hormoontest ik wil doen. Opties:

    – Een ACTH stimulatietest: doe ik vooral bij honden die het algemeen niet zo goed doen en waarbij ik vooral de bijnierreserve wil weten –> dus zeker wil zijn dat de hond niet TE VEEL trilostane krijgt. Als ik voor een ACTH stimulatietest kies dan neem ik het eerste bloedstaal ongeveer 2 uur na het geven van trilostane en het tweede bloedstaal een uur later.

    – Of gepaarde cortisolwaardes (2 keer cortisol meten met 1 uur tussen net VOOR het geven van de ochtendosis trilostane): dit doe ik bij alle dieren die het algemeen goed stellen en zeker GEEN klachten vertonen die me doen vermoeden dat hij TE VEEL trilostane krijgt (zoals lethargie, anorexia, braken en diarree). Indien het dier nog duidelijk klachten van Cushing vertoont zoals PUPD, polyfagie, etc dan neem ik OOK een staal voor cortisolbepaling 3 uur na het geven van trilostane.

    Wat betreft frequentie van opvolging: zolang ik niet de juiste dosis gevonden heb, doe ik telkens ik de dosis aanpas, 2 weken later weer een controle. Eenmaal ik de juiste dosis heb gevonden, doe ik nog een controle 1 maand later, dan 3 maanden later en vervolgens elke 6 maanden (op voorwaarde dat het dier het klinisch goed doet en geen klachten als lethargie, anorexia, braken en diarree) of andere bijkomende klachten ontwikkelt.

  • Geert Paes

    Beheerder
    15 maart 2022 at 23:58 In antwoord op: Behandeling kat met CNZ, proteinurie EN systemische hypertensie

    Heel goede vraag, Loes!

    Het hangt er voor mij een beetje vanaf dan wat het primaire probleem lijkt te zijn. Hiermee bedoel ik dat als de kat heel erg hypertens is en slechts een milde proteinurie heeft dat het dan zeker mogelijk is dat de proteinurie secundair is aan de hypertensie. In dit geval zou ik dan de kat eerst op amlodipine plaatsen en kijken wat er gebeurt met de proteinurie. De kans is groot dat deze normaliseert met de behandeling van de hypertensie.

    Is de bloeddruk echter niet enorm gestegen (bv. zit de systolische bloeddruk ergens rond de 170-180 mmHg), maar er is wel sprake van een uitgesproken proteinurie (bv. e/c ratio hoger dan 0.5) dan zou ik eerder opteren voor telmisartan (Semintra). Ik laat het dus een beetje afhangen van geval tot geval.

  • Geert Paes

    Beheerder
    25 februari 2022 at 23:16 In antwoord op: Infuus tijdens anesthesie

    Omdat de vloeistofbehoefte tijdens anesthesie wat hoger is dan de gewone onderhoudsbehoefte geven we tijdens anesthesie een iets grotere hoeveelheid infuus (3-5 ml/kg/u voor katten en 5 ml/kg/u voor honden). Om deze reden werken we tijdens de anesthesie het best met een vervangingsvloeistof (dus bv. eurolectrol, ringerlactaat, normosol etc). Een onderhoudsvloeistof zoals sterofundin B geven we nooit aan meer dan 1xonderhoud (2-2.5 ml/kg/u).

  • Geert Paes

    Beheerder
    14 september 2021 at 19:21 In antwoord op: VOORBEELD – vraag gesteld door collega – Kat met Polycythemie

    Amai, wat een polycythemie!! De hematemesis is beschreven bij honden en katten met polycythemie. Ik vind het ergens verbazingwekkend dat deze kat geen andere klinische klachten vertoont (vaak vertonen ze oogklachten dat soms zelfs kan leiden tot retinaloslating en/of neurologische klachten zoals zwakte, syncopes etc). Maar goed, des te beter dat deze kat het momenteel relatief goed lijkt te verdragen.

    Ik vermoed dat de hyperkaliëmie het gevolg is van de polycythemie. Kalium is het belangrijkste intracellulair ion en wanneer er meer rode bloedcellen aanwezig zijn en zeker wanneer het bloedstaal wat hemolytisch is (en ik kan me gezien de hyperviscositeit heel goed voorstellen dat het bloed al tijdens de afname wat hemolyseert) dan kan dit resulteren in hyperkaliëmie zonder dat dit klinische gevolgen heeft (is dan eigenlijk pseudohyperkalemie).

    De vraag is natuurlijk waarom de kat polycythemie heeft. We willen eerst en vooral inderdaad zeker zijn dat er geen onderliggend niergerelateerd probleem (neoplasie, pyelonefritis, amyloïdose) aanwezig is. Dat lijkt op basis van de echo niet onmiddellijk het geval te zijn. Het is zeker nuttig om nog eens de urine te controleren en te zien of het soortelijk gewicht boven 1.035 is en de kat goed kan concentreren. Dat gezegd zijnde kunnen ze van polycythemie ook wel wat PUPD krijgen waardoor het USG ook wel wat kan dalen. Het is moeilijk om te zeggen of dat gestegen SDMA wijst op beginnende nierziekte of niet, maar het lijkt me minder waarschijnlijk dat er echt een primair nierprobleem de oorzaak is van de polycythemie. Verder zijn er ook andere tumoren die polycythemie kunnen geven. Zo is het bij katten ook beschreven secundair aan een hemangiosarcoma thv de milt en werd het bij honden ook al beschreven secundair aan lymfoma, leiomyosarcoma mesenchymale tumoren. Het meten van EPO kan zeker nuttige info geven. Wanneer het gestegen is dan zijn we zeker dat er een onderliggende oorzaak is waardoor er meer EPO wordt aangemaakt. Er is helaas wel wat overlap wat het EPO gehalte betreft tussen katten met polycythemie vera (waarbij er dus echt geen onderliggende oorzaak is) en katten met polycythemie secundair aan een onderliggende oorzaak, dus met een normaal EPO kunnen we helaas nog steeds niet met 100% zekerheid zeggen dat er geen onderliggende oorzaak is.

    Naast niergerelateerde problemen en neoplastische aandoeningen moeten we dan ook nog denken aan aandoeningen die tot chronische hypoxie leiden. Dit zijn heel vaak congenitale hartaandoeningen of chronische longproblemen. Chronische longproblemen lijken me bij deze kat weinig waarschijnlijk, maar gezien de leeftijd is een hartprobleem zeker mogelijk. Hoor je iets van afwijkingen bij auscultatie?? Ik zou aanraden om nog echocardio te laten uitvoeren (en evt arteriële bloedgassen of pulsoxymetrie te doen om chronische hypoxie uit te sluiten). Dan is heel uitzonderlijk polycythemie ook beschreven secundair aan hyperthyroïdie en acromegalie, maar bij deze katten is de stijging meestal niet zo uitgesproken en gezien het zo`n jonge kat betreft, lijken deze aandoeningen mij uiterst onwaarschijnlijk.

    Als je een onderliggend hartprobleem hebt uitgesloten, lijkt het mij bij deze kat veilig om te zeggen dat het om primaire polycythemie vera gaat.

    Qua behandeling zal deze kat aderlatingen nodig hebben. Bij een kat is het het gemakkelijkste om te doen wanneer ze een beetje gesedeerd is. Je verwijderd dan 15-20 ml/kg bloed (dus voor een kat van 5 kg verwijder je ongeveer 75-100 ml bloed). Dit vocht wordt meestal gelijktijdig via een infuus met ringerlactaat of normosol (of een andere kristallijne oplossing, zoals bv. NaCl 0.9%) teruggeven.

    Het doel is om de hematocriet te krijgen rond de bovenste grens van de referentiewaarde.

    In sommige dieren kan dit uitsluitend met regelmatig een aderlating te doen.

    Indien je echter vaker dan 1 keer in de 4 weken een aderlating moet doen dan kan je proberen te behandelen met hydroxyurea (een soort van chemotherapeuticum). De startdosis is 10-15 mg/kg 2x/dag tot je je doel qua hematocriet bereikt en dan een onderhoudsdosis van ongeveer 15 mg/kg of 12.5 mg/kg 1x/dag. Het medicijn moet met handschoenen aan gegeven worden en het is belangrijk om de hematologie op te volgen aangezien het soms myelosuppressie kan geven met daling van leukocyten en thrombocyten.

    Heel interessant gevalletje en zeker niet iets wat we regelmatig zien! Ik heb toevallig laatst nog een katje ermee gezien, maar vaak komt het zeker niet voor! Dus nog even 100% zeker zijn dat er geen hartziekte aanwezig is.

    Hou me op de hoogte!

    Geert Paes

    DVM, Dip ECVIM-ca

  • Amai, wat een hyperlipidemie!! Vooral die triglyceriden!!

    Je hebt de meest voorkomende oorzaken voor secundaire hyperlipidemie (zoals hypothyroidie, diabetes, cushing) reeds uitgesloten, dus het kan zeker puur primair zijn.

    Het gaat echt ENORM belangrijk zijn dat dit hondje gewicht verliest. Dus een goed gewichtsverlies-voedselplan zal moeten opgesteld worden.

    En zeker toch ook overwegen om even met de echo te kijken naar op zijn minst die lever en de galblaas –> om toch zeker te zijn dat er zich daar geen mucocoele aan het ontwikkelen is.

    Zijn soortelijk gewicht van de urine was wat aan de lage kant … Dus misschien heeft de hond toch wat PUPD. Vraag is of er zich daar toch niet iets aan het afspelen is in die lever/galblaas.

    Veel succes ermee. Hopelijk houdt de eigenaar zich aan het dieet advies!!

    Ik zou een maand na het starten van het dieet opnieuw ALP, chol en TG bepalen. En neem dan ook nog even het fosfor mee aangezien dat toch ook gestegen was.

    Geert Paes

    DVM, Dip ECVIM-ca

  • Beste Geert

    we hebben de Triglyceriden en de cholesterol nog bepaald en ook de urine.

    Urine is normaal, triglyceriden en cholesterol gestegen. Maar ik weet eigenlijk niet of dit dan nog iets betekend?

    Cholesterol 334 mg/dl (130-300)

    Triglyceriden 222 mg/dl (50-130)

    Urine: USG 1.022, geen eiwit of urine of andere afwijkingen.

    We zullen uiteraard werken op de obesitas en mogelijks nog een echo.

  • Een Chihuahua van 11 kg!?!?! Hahahaha, oei, ja, die lijkt idd duidelijk wel wat obees te zijn 😉

    Op het bloedonderzoek springt er niet super veel naar voor, maar toch wel opvallend dat dat AF inderdaad erg hoog is. Obv de LDDST kunnen we Cushing idd uitsluiten.

    Verder is het fosfor ook wel behoorlijk gestegen. Vind ik een beetje raar en zou zeker wel kunnen omdat het bloedstaal wat gehemolyseerd was (is hoogstwaarschijnlijk ook de reden waarom het kalium wat gestegen is). Ik zou misschien ter volledigheid toch nog even een urineonderzoek doen om toch zeker te zijn dat die urine wel mooi geconcentreerd is en er geen eiwit in zit etc.

    Verder zou ik bij deze hond toch ook eens zijn cholesterol en triglyceriden bepalen. Zorg dan wel dat de hond minstens 12 uur (en ik zou in dit geval misschien zelfs eerder 14 uur zeggen) volledig nuchter is (wel water, maar geen drinken). Primaire hyperlipidemie is niet vaak voorkomend bij de Chihuahua, maar kan in principe bij alle rassen voorkomen. En ik denk dat het enorm belangrijk gaat zijn dat dit hondje wat gewicht verliest 😉 In geval van dergelijke extreme obesitas denk ik dat dat het beste gebeurt in samenwerking met een voedingsdeskundige.

    En dan zitten we nog met dat gestegen AF. Het is toch echt wel fiks gestegen, dus idealiter zou ik zeker aanraden om te starten met echo abdomen om eens naar die lever en galblaas te kijken (en als er afwijkingen zijn dan starten met fijne naaldaspiraten voor cytologie –> hoewel die meestal geen antwoord geven –> als er geen antwoorden uitkomen dan zijn biopten nodig). Met dergelijke obesitas en moest de hond hyperlipidemie heeft dan zou het kunnen dat deze hond bv veel sludge in de galblaas heeft of misschien zelfs richting galblaasmucocele aan het gaan is .. Een andere reden voor gestegen AF kunnen osteolytische lesies zijn (zoals bij bv osteomyelitis, bottumoren etc). Maar dan heb je typisch wel iets van klachten van manken, pijn etc, dus dat lijkt me heel weinig waarschijnlijk.

    Veel succes ermee!!

    Veel succes ermee!!

    Geert Paes

    DVM, Dip ECVIM-ca

  • Ik denk zeker dat de klachten die ze afgelopen week vertoonde hoogstwaarschijnlijk het gevolg zijn geweest van het opeten van bedorven voedsel (dat kan mycotoxines bevatten en wat je beschrijft past zeker bij intoxicatie met mycotoxines), maar ik ben het met je eens dat het wel lijkt alsof er bij deze hond meer aan de hand is.

    Een Duitse Herder van 20kg is zeker veel te mager!

    Een aantal zaken waar ik aan denk:

    – Exocriene pancreasinsufficiëntie (EPI): meestal hebben ze wel polyfagie en diarree, maar ze vertonen niet altijd allemaal het volledige beeld en het blijft een Duiste Herder. Hier kunnen we dan wel de epilepsie niet mee verklaren

    – Portosystemische shunt: kan verklaren waarom de hond klein en onderontwikkeld is en kan ook neurologische klachten geven

    – Chronische enteropathie: ik heb al dieren gezien die geen braken of diarree vertonen, maar enkel heel mager zijn. Het lage calcium zou ook kunnen wijzen op een laag vitamine D, wat we ook kunnen zien bij chronische enteropathie

    – Die hypocalcemie zou in principe ook nog bij primaire hypoparathyroidie kunnen passen, maar ik vind het verhaal daar niet echt bij passen (zijn meestal honden met chronische klachten als nervositeit, tremoren, soms ook jeuk thv aangezicht).

    Ik zou het volgende nog aanraden bij deze hond (zijn allemaal bloedtesten, dus hopelijk laat de eigenaar je dit nog doen!)

    – Vitamine B12 (vaak verlaagd bij chronische enteropathie en EPI)

    – TLI (hond moet min 12 u nuchter zijn) om EPI uit te sluiten

    – Galzuren pre en postprandiaal (voor en 2u na een maaltijd) om een portosystemische shunt uit te sluiten

    – Urineonderzoek: USG bekijken, maar ook kijken of hond mogelijk eiwit via urine verliest

    – Volledig ontlastingonderzoek of hond ontwormen en 5 dagen ook met fenbedazole 50 mg/kg 1x/dag behandelen –> idealiter ontlastingsonderzoek zodat je kan zien of er een parasitaire component is

    – Calcium zou ik nog eens een keertje meten wanneer je de andere bloedtesten doen. Indien het weer te laag is dan bepaal je idealiter geïoniseerd calcium om te zien of dit ook verlaagd is.

    Groetjes en veel succes ermee!

    Geert Paes

    DVM, Dip ECVIM-ca

  • In het bloed- en urineonderzoek zijn een paar zaken waar je wel evt nog wat verder naar kan gaan kijken of dit van belang is of niet.

    Eerst en vooral heeft de hond een milde eosinofilie. Dit kan passen bij een voedselallergie, maar kunnen we ook zien bij de ziekte van Addison (in dit geval zou het dan de atypische vorm zijn, want de elektrolyten zijn normaal) of bij parasitaire infecties en het kan ook voorkomen bij mastceltumoren (lijkt me weinig waarschijnlijk bij deze hond).

    We zien ook dat het totaal eiwit echt op de ondergrens zit. Dit is toch ook niet volledig normaal. Er is duidelijk geen sprake van eiwitverlies via de nieren, dus het kan toch zijn dat deze hond wat eiwitverlies via het maagdarmkanaal verliest (of niet goed opneemt). Ook zij de ziekte van addison kunnen we het vaak gaan zien dat ze wat gastro intestinaal eiwitverlies hebben. In principe kan een leverprobleem ook leiden tot hypoproteïnemie. Het is een dobermann en daar kunnen we soms wel een chronische hepatitis bij zien. De galzuren zijn wel normaal, maar volledig kan je dit toch ook niet uitsluiten.

    Exocriene pancreas insufficiëntie (EPI) kan ook leiden tot malabsorptie en mager zijn en eiwittekort. Veel honden hebben er ook diarree bij, maar dat moet niet altijd.

    En het is ook mogelijk dat de hond toch een chronische enteropathie heeft en wat eiwitten verliest via het maagdarmkanaal.

    Als laatste zien we ook dat de urine isostenurisch is qua concentratie. Dit kan gewoon een toevalsbevinding zijn (het soortelijk gewicht kan fluctueren afhankelijk van de wateropname vooraf), maar is toch ook iets om op te volgen.

    Ik zou het volgende aanraden bij deze hond:

    – Ontlastingsonderzoek voor parasitaire infecties en/of ontworming met milbemax of drontal + fenbendazole 50 mg/kg 1x/dag gedurende 5 dagen

    – Basaal cortisol om addison uit te sluiten –> indien het laag is dan dient een ACTH stim te gebeuren

    – Soortelijk gewicht van urine nog eens controleren (ochtendurine staaltje dat eigenaar thuis kan opvangen)

    – Vitamine B12 –> is vaak verlaagd bij een chronische enteropathie en ook bij EPI

    – TLI (hond moet 12 uur nuchter zijn) om EPI uit te sluiten

    Als al deze resultaten normaal zijn dan kan je eerst eens zien wat er gebeurt als je wat extra voeding geeft en cottage cheese (je mag gerust 1 pakje per dag geven) toevoegt aan de voeding. Ik zou dan het gewicht en de eiwitten opvolgen. Indien De hond niet bijkomt en de eiwitten niet toenemen, zou ik aanraden om echo abdomen te doen.

    Groetjes en veel succes ermee!! En laat me even weten of er iets uitkomt 😉

    Geert Paes

    DVM, Dip ECVIM-ca

  • Geert Paes

    Beheerder
    4 september 2021 at 02:27 In antwoord op: LearnDash Single Course

    Heel lastig dergelijke gevalletjes. Dat akn echt een beetje zoeken zijn naar een speld in een hooiberg.

    Ik denk dat het belangrijk wordt om echt het onderscheid te maken tussen FUO of toch mogelijks iets anders (chronische maagdarmprobleem), want de opwerking gaat volledig anders zijn.

    Volgen deze mensen de temperatuur thuis op? Heeft deze hond persisterend koorts (of toch gedurende de week het grotendeel van de tijd significante koorts –> zeker als hij regelmatig boven 39.5C gaat, wijst dat toch echt wel op koortspieken)? Als dit het geval is, zou ik hem verder gaan opwerken voor FUO. Jullie hebben al heel wat gedaan en helaas springt er niets echt in het oog.

    Hoe lang heeft deze hond de antibiotica en NSAID gehad? En was de hond hier volledig beter mee of maar een beetje beter?

    Zeker zijn dat er op klinisch onderzoek niets gemist wordt: ook eens drukken op de lange beenderen, op de metafyses, maar ook eens drukken op de spieren, gewrichten eens goed manipuleren, overal op rug drukken etc. Als lymfeknopen ook maar ietwat prominent zijn, deze aanprikken. Komt er echt uit dat lichamelijk onderzoek helemaal niets naar voor dan is het uiteraard enorm moeilijk. Idealiter zou ik dan toch aanraden van de gewrichten te gaan aanprikken (ellebogen, knieen, tarsi en carpi) en celtelling en cytologie op vocht laten doen. Ook zou ik dan aanraden (zeker als de temperatuur boven 40C gaat) om een bloedcultuur te laten doen. Ik zou in dat geval ook echo cardio laten doen (om toch met zekerheid een endocarditis uit te sluiten) en ik zou de hond ook gaan testen voor Bartonella (serologie en PCR). Hou hierbij rekening dat Bartonella testen vaak vals negatieve resultaten geven, dus een negatief resultaat sluit deze infectie helaas niet uit.

    Indien nog niet gedaan, zou ik ook nog een algemeen urineonderzoek doen om te zien of hij iets van proteinurie heeft.

    Lijkt het toch eerder dat deze hond niet zo n hoge koorts ontwikkelt en het merendeel van de tijd een normale temperatuur heeft en dat zijn klachten voornamelijk verminderde eetlust zijn met dat af en toe eens braken en slappere ontlasting dan zou ik eerder gaan focussen op het maagdarmstelsel.

    Ik zou sowieso bij deze hond een ontlastingsonderzoek doen en testen op parasieten, inclusief Giardia en ik zou de hond ongeacht van het ontlastingsonderzoek (vooral omdat Giardia vals negatief kan zijn) behandelen met een kuur fenbendazole 50 mg/kg 1x/dag 5 dagen wel, 10 dagen niet en dan weer 5 dagen wel en een breedspectrum ontwormer. Bij zo`n jonge hond met een eosinofilie kan er altijd een parasitaire infectie aanwezig zijn (al denk ik niet dat dit alle klachten bij deze hond zal kunnen verklaren).

    Ik zou dan ook (vooral gezien de eosinofilie, jonge leeftijd, vage klachten) een basaal cortisol laten doen om atypische addison uit te sluiten.

    Eventueel ook specPLI of DGGR lipase om mogelijke pancreatitis uit te sluiten.

    En als daar allemaal niets uit komt dan een eliminatiedieet proberen.

    Goed met de mensen bespreken dat dit moeilijke gevalletjes zijn en dat het niet altijd onmiddellijk duidelijk is wat er aan de hand is. En dat elke negatieve test ons toch ook weer meer info geeft en dus geen weggegooid geld is. Veel succes ermee!!

    Geert Paes

    DVM, Dip ECVIM-ca

  • Wat betreft dit hondje, Bo, denk ik wel dat het veilig is te zeggen dat deze hond cushing heeft. Zijn bloedbeeld (gestegen AF, gestegen cholesterol, gedaalde lymfocyten en eosinofielen en gestegen plaatjes) en zijn urinebeeld (laag SG en proteinurie) alsook de uitslagen van zijn LDDST en echo abdomen passen allemaal mooi binnen het plaatje.

    Het is zo dat bij dit LDDST patroon, waarbij op T4 het cortisol niet onderdrukt is, maar op T8 het cortisol wel onderdrukt wordt tot minder dan 50% van de uitgangswaarde, er toch ook nog gesproken wordt van hypofyseafhankelijke cushing. Ze noemen dit patroon een partial suppression patroon. Ga zeker eens kijken onder protocollen naar het document LDDST - praktische tips voor uitvoering en interpretatie

    Ik zou deze hond beginnen te behandelen met trilostane en ik zou sowieso aanraden om hem twee keer per dag medicatie te geven. Startdosis die ik aanraad is 0.5-1 mg/kg twee keer per dag. Als deze hond buiten de PUPD weinig andere klachten heeft, zou ik gaan voor de lagere dosis 0.5 mg/kg 2x/dag. Sowieso altijd aan de eigenaar aanraden om jullie onmiddellijk te contacteren moest de hond plots erg suf worden of beginnen braken, diarree krijgen etc wanneer hij de medicatie krijgt.

    10 dagen later zou ik dan aanraden om hem opnieuw te zien op controle en met eigenaar te bespreken hoe het zit met zijn klachten en op dat moment dan ook te gaan controleren of jullie de juiste dosis aan het geven zijn (en zeker ook controleren of hij niet te veel trilostane krijgt). Je kan dit doen dmv een ACTH stimulatie test die je dan het beste start ongeveer 2-3 uur nadat hij zijn trilostane heeft gekregen (zodat je het piekeffect weet). Op dat moment ook zeker Na en K bepalen. Een andere manier om de respons op behandeling te gaan opvolgen is dmv het controleren van het cortisolgehalte voordat hij trilostane krijgt, in combinatie met zijn klinische symptomen. Ik heb een artikel bijgevoegd dat deze techniek uitlegt, alsook een overzichtschema van hoe jullie dan de resultaten moeten interpreteren en de dosis kunnen aanpassen obv die resultaten.

    Laat het me weten moesten jullie nog verdere vragen hebben en nogmaals sorry voor het wachten!

    Geert Paes

    DVM, Dip ECVIM-ca

  • Heel fijn om te horen dat het zoveel beter gaat met Sya!! Bedankt om me op de hoogte te houden!

    Dan weten we bij deze inderdaad dus ook dat die d-cure echt niet betrouwbaar is bij honden.

    Nog veel succes ermee en fijne feestdagen gewenst!

    Groetjes,

    Geert

  • Hey Geert,

    Ik wou je nog even een update geven over Sya. We hebben ze begin december kunnen opstarten op Atiten 1mg/ml dihydrotachisterol (dit moest uit Italië komen en duurde dus even eer het hier was). We hebben de dosering gevolgd die je zei en het ging direct veel beter. Eerste bloedename na 2 dagen atiten zaten we al op een calcium van 1.85! En 5 dagen daarna zaten we op 2.97 dus we hebben het wat sneller afgebouwd en de kalktabletten weggelaten en nu heeft Sya een calciumwaarde van 2.27 terwijl ze 0.04ml atiten per dag krijgt. We hebben besloten niet verder te zakken omdat de eigenaar zo een verschil ziet in gedrag. Met deze calcium waarde is Sya enorm levendig, het was vroeger een heel angstig hondje en dat is ze nu veel minder. Mevrouw zegt dat ze thuis ook continu wil spelen en dat het lijkt of ze een puppy in huis hebben. Waar ze vroeger schrik had van andere honden durft ze er nu naar blaffen, ze loopt hier ook gewoon de praktijk binnen terwijl ze vroeger binnen gesleurd moest worden. Op een calcium van 1.8 of 2 was ze veel stiller en angstiger dus daarom houden we het zo. We gaan nu over een week nog eens controleren en daarna over een maand en daarna om de 3 maand als alles goed blijft gaan maar momenteel blijft de waarde stabiel. Wat een verschil met de D-cure! Amai! J

    Bedankt voor je hulp! We zijn alvast heel blij en de eigenaar ook en Sya die zal wel wat blijer worden als de frequentie van bloednames daalt haha!

  • Geert Paes

    Beheerder
    21 maart 2022 at 23:00 In antwoord op: Monitoring van behandeling met Trilostane

    He Hilde,

    Dat is een heel goede vraag. Sowieso willen we eerst proberen om de diabetes zo goed mogelijk onder controle te hebben alvorens we de hond testen voor Cushing, want het risico op een vals positief resultaat bestaat natuurlijk als we een slecht gereguleerde diabeet testen voor Cushing. Dat gezegd zijnde, is het bij deze dieren vaak moeilijk om hun diabetes goed onder controle te krijgen. Ik raad dan meestal aan om je diagnose van Cushing niet alleen te baseren op een hormoontest, maar bv. op de combinatie van een positieve LDDST of ACTH stim en echografie van het abdomen die ook compatibel is met Cushing (bilaterale bijniervergroting of een unilaterale bijniermassa).

    Wanneer je met de behandeling voor Cushing begint, is er inderdaad een risico dat de hond relatief snel minder insuline nodig heeft. Ik vind het het prettigste om bij deze dieren een FreeStyle Libre sensor te plaatsen (zie kennis database waar je een paar goede videos kan vinden over hoe je zon sensor eenvoudig kan plaatsen – het zijn trouwens humane sensors die je in de apotheek kan laten kopen en je kan de sensor koppelen aan de FreeStyle Libre app op een smarthphone). Een FreeStyle Libre kan tot maximum 14 dagen ter plaatse blijven (vaak komt hij wel al vroeger los) en laat je toe om de suikerspiegels heel exact op te volgen. Hierdoor kan je dus heel snel zien of de hond mogelijk te veel insuline krijgt en richting hypoglycemie gaat.

    Als een FreeStyle Libre geen optie is dan hangt het een beetje af van wat de huidige glucose curves zeggen. Is de hond echt nog steeds zeer slecht gereguleerd met veel te hoge glucosewaardes, dan zou ik de insuline dosis niet onmiddellijk verlagen, maar wel een BG curve doen 2 weken na start van trilostane. Is de diabetes echter al relatief goed gereguleerd, dan zou ik de insuline dosis wel een beetje verlagen wanneer je start met de trilostane. Dit zijn vaak lastige gevalletjes en een FreeStyle Libre geeft je het voordeel dat je wat korter op de bal kan spelen.

    Het grote nadeel van de FreeStyle libre is wel dat de eigenaars plots alle glucosewaarden zien en soms in paniek geraken en dan zelf met de insuline dosis beginnen spelen. Dus heel duidelijk tegen de eigenaars zeggen om dit niet te doen en de beslissing over de insuline dosis aan jou over te laten 😉

Pagina 16 van 17